Hoe ver trekken vogels?

Hoe ver trekken vogels? Van een paar kilometer een berg af tot meer dan 70.000 km per jaar bij de noordse stern. Afstanden, records en hoe vogels het doen.

Een losse groep steltlopers die bij zonsopgang laag over een wad vliegt (AI-illustratie)
Door AI gegenereerde illustratie, geen foto
In dit artikel
  1. Snelle feiten: hoe ver vogels trekken
  2. Welke soorten trek zijn er, gemeten naar afstand?
  3. Hoe ver trekken tuinvogels?
  4. Hoe ver trekken zangvogels?
  5. Welke vogels trekken het verst?
  6. Hoe ver trekken vogels in Europa, Azië en Amerika?
  7. Hoe ver vliegen vogels op een dag of in een nacht?
  8. Hoe tanken vogels genoeg brandstof voor zulke lange reizen?
  9. Hoe hoog en hoe snel trekken vogels?
  10. Waarom trekken sommige vogels zoveel verder dan andere?
  11. Hoe meten wetenschappers trekafstanden?
  12. Fabels en feiten over trekafstanden
  13. Wat dit betekent voor wie vogels in de tuin kijkt
  14. Conclusie
  15. Bronnen
  16. Veelgestelde vragen

Vogels trekken van een paar kilometer tot meer dan 70.000 km per jaar. Sommige bergvogels dalen in de winter alleen een stuk af, veel tuinvogels leggen een paar honderd tot een paar duizend kilometer af, en een handvol extreme reizigers, zoals de noordse stern, vliegt elk jaar een afstand die gelijkstaat aan ruim anderhalf keer rond de aarde.

Het verschil is zo groot omdat “trek” heel verschillende strategieën omvat. In deze gids lees je welke afstandscategorieën er zijn, wie de recordhouders zijn, hoe ver vogels in één ruk vliegen en hoe ze dat volhouden, met voorbeelden uit Nederland en België, de rest van Europa, Afrika, Azië, Australazië en Amerika.

Snelle feiten: hoe ver vogels trekken

  • Kortst: hoogtetrekkers verplaatsen zich soms maar een paar kilometer een berg op of af.
  • Korte afstand: veel tuinvogels verplaatsen zich een paar honderd kilometer tussen de seizoenen.
  • Middellange en lange afstand: veel zangvogels vliegen 1.500 tot 8.000 km per enkele reis tussen hun broedgebied in Europa en hun wintergebied in Afrika.
  • Verste jaarlijkse afstand: noordse sterns vlogen in een groot zenderonderzoek gemiddeld zo’n 71.000 km per jaar.
  • Langste vlucht zonder stop: een rosse grutto vloog in 2022 ongeveer 13.500 km van Alaska richting Tasmanië zonder te landen.
  • Nachtvluchten: de meeste trekkende zangvogels vliegen ‘s nachts.
  • Brandstof: langeafstandstrekkers verdubbelen soms bijna hun lichaamsgewicht met vet voor een grote oversteek.

Welke soorten trek zijn er, gemeten naar afstand?

Ornithologen delen trekvogels vaak in grove categorieën in. Die zijn niet streng, en veel soorten vallen ertussenin, maar ze helpen de getallen te begrijpen.

TypeGebruikelijke afstandVoorbeelden
HoogtetrekEen paar kilometer, vooral verticaalAlpenheggenmus, sneeuwvink, veel vogels in de Alpen, Himalaya en Andes
Korte afstandTientallen tot een paar honderd kilometerRoodborst (deel van de populatie), merel, vink, spreeuw
Middellange afstandEen paar honderd tot ongeveer 2.500 kmTjiftjaf, zwartkop, veel eenden en ganzen, kievit
Lange afstand2.500 tot meer dan 11.000 km per reisBoerenzwaluw, fitis, gierzwaluw, koekoek, tapuit
Extreme afstand16.000 tot meer dan 80.000 km per jaarNoordse stern, grauwe pijlstormvogel, rosse grutto
Invasies en zwerftrekOnregelmatig, soms honderden kilometersKruisbek, barmsijs, pestvogel, notenkraker

Hoe ver trekken tuinvogels?

Veel vogels die je bij het voederhuisje ziet, trekken minder dan je zou denken, maar ze bewegen vaak meer dan je ziet.

Standvogels die nauwelijks weggaan. Koolmezen, pimpelmezen, huismussen, grote bonte spechten en eksters blijven meestal het hele jaar in de buurt van hun territorium. Zij vormen de ruggengraat van de wintergasten in je tuin.

Korteafstandstrekkers en wintergasten. In de herfst trekken grote aantallen vinken, spreeuwen, merels en lijsters uit Scandinavië en Oost-Europa naar het westen en zuidwesten. Een deel van de vinken en merels die in december in je tuin zitten, is dus niet dezelfde vogel als in juni, maar een gast van honderden tot meer dan duizend kilometer verderop. Kramsvogels en koperwieken uit het noorden komen in de winter op bessen en appels af.

Gedeeltelijke trekkers. De roodborst is een mooi voorbeeld van hoe ingewikkeld dit kan zijn. Roodborsten zijn het hele jaar in Nederland en België te zien, maar veel Noord- en Oost-Europese roodborsten trekken naar het zuiden en westen, en een deel van onze eigen broedvogels, vooral vrouwtjes, gaat richting Frankrijk en Spanje. De roodborst die je in januari ziet, is misschien niet de vogel die in je tuin heeft gebroed.

Echte langeafstandsreizigers. De boerenzwaluw die onder je afdak of in de stal broedt, overwintert in Afrika ten zuiden van de Sahara. De gierzwaluw die in mei gillend boven de straat vliegt, zit in augustus alweer boven Centraal- en zuidelijk Afrika. Voor zulke kleine vogels zijn dat enorme prestaties.

Hoe ver trekken zangvogels?

Veel zangvogels die in Europa broeden, overwinteren rond de Middellandse Zee of in Afrika. Reizen van 2.500 tot 8.000 km per enkele reis zijn gewoon.

De fitis, een klein groengeel zangvogeltje dat in Nederlandse bossen en struwelen algemeen is, weegt ongeveer 8 tot 10 gram en overwintert in West-Afrika ten zuiden van de Sahara. Hij steekt dus elk najaar de Middellandse Zee en de Sahara over, twee grote barrières waar nauwelijks voedsel te vinden is.

De boerenzwaluw trekt van broedgebieden in heel Europa naar Afrika ten zuiden van de Sahara, en vogels uit Groot-Brittannië overwinteren tot in Zuid-Afrika, een reis van vele duizenden kilometers. De tapuit, een kleine lijsterachtige vogel die in Nederland vooral in de duinen en op de Waddeneilanden te zien is, maakt een van de langste bekende trektochten van alle zangvogels: vogels uit Alaska overwinteren in Oost-Afrika en steken daarbij Azië over, terwijl vogels uit Oost-Canada en Groenland over de Noord-Atlantische Oceaan naar West-Afrika vliegen. Zenderonderzoek liet zien dat vogels uit Alaska ongeveer 14.500 km per enkele reis afleggen.

In Noord-Amerika doet de zwartkopzanger (blackpoll warbler) iets vergelijkbaars. Deze kleine zanger broedt in de naaldbossen van Alaska en Canada en vliegt in de herfst vanaf de Amerikaanse oostkust over de Atlantische Oceaan naar het Caribisch gebied en het noorden van Zuid-Amerika. Onderzoek uit 2015 met kleine lichtloggers bevestigde vluchten zonder tussenstop van ruwweg 2.300 tot 2.700 km, die twee tot drie dagen duurden. Voor een vogel van rond de 12 gram is dat een buitengewone prestatie.

Welke vogels trekken het verst?

De club van extreme afstanden bestaat vooral uit zeevogels en steltlopers. Die kunnen op zee eten of bijtanken op rijke wadden en gebruikmaken van de wind boven open zee. We bespreken de recordhouders uitgebreid in onze gids over welke vogel het verst trekt, maar hier zijn de belangrijkste getallen.

Noordse stern

Noordse sterns broeden rond het noordpoolgebied en de subarctische zone, ook op de Waddeneilanden, en brengen onze winter door in de Zuidelijke Oceaan bij Antarctica. In een onderzoek uit 2010 volgden onderzoekers sterns uit Groenland en IJsland met minuscule lichtloggers en vonden rondreizen van gemiddeld ongeveer 71.000 km. De vogels vlogen geen rechte lijnen: ze volgden kronkelende, S-vormige routes die gebruik lijken te maken van de heersende winden. Later onderzoek aan noordse sterns die in Nederland broeden, mat nog langere jaarlijkse reizen, rond de 90.000 km.

Grauwe pijlstormvogel

Grauwe pijlstormvogels broeden op eilanden rond Nieuw-Zeeland en Zuid-Amerika en brengen de zuidelijke winter door in de noordelijke Stille Oceaan of de noordelijke Atlantische Oceaan. Voor de Nederlandse kust zijn ze in de nazomer en herfst soms vanaf zeetrekposten te zien. Een onderzoek uit 2006 aan Nieuw-Zeelandse vogels vond dat ze een reusachtige achtvormige route door de Stille Oceaan vlogen, goed voor ongeveer 64.000 km per jaar.

Rosse grutto

De rosse grutto is een bekende verschijning op de Wadden, maar de ondersoort die in Alaska broedt, maakt de langst bekende vluchten zonder tussenstop van alle vogels. In de herfst vliegen die vogels rechtstreeks over de Stille Oceaan naar Nieuw-Zeeland en Oost-Australië. In 2022 werd een jonge rosse grutto met een satellietzender gevolgd die ongeveer 13.500 km van Alaska naar Tasmanië vloog, in zo’n 11 dagen zonder te stoppen. De voorjaarstrek naar het noorden is in totaal langer, omdat de vogels dan een tussenstop maken rond de Gele Zee in Oost-Azië.

De grutto, onze nationale vogel

De grutto, de “gewone” grutto van Nederlandse weilanden, is geen recordhouder, maar wel een mooi voorbeeld dichtbij huis. Veel grutto’s die in Nederland broeden, overwinteren in West-Afrika, onder meer in Senegal en Guinee-Bissau, en rusten onderweg in Spanje en Portugal, vooral in rijstvelden. Onderzoek met zenders heeft laten zien hoe belangrijk die tussenstops zijn.

Hoe ver trekken vogels in Europa, Azië en Amerika?

Trek is een wereldwijd verschijnsel, georganiseerd langs brede routes die flyways heten.

Afrika en Eurazië. Elk jaar trekken miljarden vogels tussen Europa, West-Azië en Afrika. Veel van hen moeten de Middellandse Zee en de Sahara oversteken, op sommige routes samen ruim 1.600 km zonder goed voedsel. Zwevende vogels zoals ooievaars en veel roofvogels vermijden open zee en trekken via smalle oversteekplaatsen, vooral de Straat van Gibraltar in het westen en de Bosporus in Turkije in het oosten, voordat ze verder naar Afrika gaan. De koekoek is door Britse onderzoekers met zenders gevolgd naar Centraal-Afrika, een reis van duizenden kilometers per enkele reis, waarbij de routes per vogel verschillen.

De gierzwaluw verdient een aparte vermelding. Na het broedseizoen in Europa brengt hij de rest van het jaar door boven Afrika. Een onderzoek uit 2016 met dataloggers vond dat sommige gierzwaluwen ongeveer 10 maanden achter elkaar in de lucht bleven, waarbij ze vliegend aten en blijkbaar ook sliepen. Over een heel leven legt een gierzwaluw een enorme afstand af, ook al is zijn trekroute niet de langste.

Oost-Azië en Australazië. Steltlopers die in Siberië en Alaska broeden, trekken naar Zuidoost-Azië, Australië en Nieuw-Zeeland en zijn sterk afhankelijk van de wadplaten rond de Gele Zee om bij te tanken. Het verdwijnen van die wadden is een grote zorg voor soorten zoals de rosse grutto en de Oost-Siberische wulp. De Waddenzee speelt een vergelijkbare rol voor de Oost-Atlantische flyway: miljoenen steltlopers en eenden tanken er onderweg bij.

Amerika. Veel Noord-Amerikaanse broedvogels overwinteren in Zuid-Amerika, en sommige Zuid-Amerikaanse vogels trekken binnen het continent, van Patagonië naar de tropen tijdens de zuidelijke winter. Ook kolibries trekken: de robijnkeelkolibrie in het oosten van Noord-Amerika vliegt naar Mexico en Midden-Amerika, en veel exemplaren steken waarschijnlijk de Golf van Mexico in één keer over, ongeveer 800 km. Wilde kolibries komen alleen in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika voor. Zie je in Nederland of België een “kolibrie” bij de bloemen, dan is dat vrijwel altijd een kolibrievlinder, een dagactieve pijlstaartvlinder die net zo voor bloemen blijft hangen.

Hoe ver vliegen vogels op een dag of in een nacht?

De totale trekafstand is maar een deel van het verhaal. Hoe ver een vogel in één ruk vliegt, hangt af van zijn strategie.

Zangvogels vliegen meestal ‘s nachts, vaak een aantal uren, en landen bij zonsopgang om te rusten en te eten. Eén nacht vliegen kan een paar honderd kilometer of meer opleveren. Daarna blijven ze een of meer dagen op een pleisterplaats om bij te tanken. Door die stops gaat de totale voortgang veel langzamer dan de vliegsnelheid doet vermoeden. Op heldere, rustige nachten in het voorjaar en de herfst kun je in Nederland de roepjes van overtrekkende lijsters en andere zangvogels horen.

Zwevende vogels, zoals buizerds, wespendieven, arenden, ooievaars en gieren, trekken overdag. Ze laten zich meevoeren door opstijgende warme lucht, thermiek, en glijden van bel naar bel met heel weinig vleugelslagen. Ze volgen graag kustlijnen en bergkammen en vermijden lange oversteken over water. De wespendief, die ook in Nederland broedt, overwintert in West- en Centraal-Afrika.

Watervogels vliegen vaak in lange etappes, overdag of ‘s nachts, soms in de bekende formaties die we uitleggen in onze gids over waarom vogels in een V vliegen.

Non-stopspecialisten, zoals rosse grutto’s, sommige pijlstormvogels en de zwartkopzanger boven de Atlantische Oceaan, vliegen dagenlang aan één stuk door. Rosse grutto’s die de Stille Oceaan oversteken, kunnen meer dan een week lang meer dan 1.000 km per dag afleggen.

Hoe tanken vogels genoeg brandstof voor zulke lange reizen?

Duizenden kilometers vliegen kost energie, en vogels nemen die mee in de vorm van vet, de meest energierijke brandstof die er is.

  1. Hyperfagie. Voor de trek gaan veel vogels een fase in van intensief eten. Sommige zangvogels worden in korte tijd veel zwaarder en slaan vet op onder de huid en rond de organen.
  2. Bijna dubbel gewicht. Langeafstandstrekkers die zonder tussenstop vliegen, zoals de rosse grutto, verdubbelen voor vertrek soms bijna hun lichaamsgewicht.
  3. Krimpende organen. Onderzoek aan rosse grutto’s liet zien dat hun spijsverteringsorganen voor de oversteek van de Stille Oceaan krimpen, zodat ze minder gewicht meedragen. Na aankomst groeien de organen weer aan.
  4. Vet en spieren verbranden. Tijdens de vlucht verbranden vogels vooral vet, aangevuld met wat eiwit.
  5. Bijtanken op pleisterplaatsen. Veel trekvogels zijn afhankelijk van goede leefgebieden onderweg, van wadden en moerassen tot tuinen met struiken en bomen vol insecten en bessen.

Ook de waterhuishouding telt mee. Vogels verliezen vocht door te ademen, en vliegen op koelere hoogtes helpt dat verlies te beperken. Hun zeer efficiënte longen, waar de lucht in één richting doorheen stroomt, maken langdurig vliegen op grote hoogte mogelijk.

Hoe hoog en hoe snel trekken vogels?

Hoogte. Radaronderzoek laat zien dat de meeste nachtelijke zangvogeltrek plaatsvindt op een paar honderd tot een paar duizend meter hoogte, meestal onder de 3.000 m, waarbij vogels de hoogte kiezen met de gunstigste wind. Sommige soorten vliegen veel hoger. Indische ganzen steken de Himalaya over, en zenderonderzoek aan zangvogels die de Sahara oversteken, heeft overdag vluchten gemeten van ruim boven de 5.000 m, blijkbaar om hitte te vermijden en gunstige wind te vinden.

Snelheid. Veel kleine zangvogels vliegen bij windstil weer ongeveer 30 tot 50 km per uur, terwijl steltlopers en watervogels meestal sneller gaan. Rugwind kan veel schelen: trekvogels kiezen hun vertrekmoment vaak zo dat ze met de wind achter een weerfront kunnen meeliften.

Waarom trekken sommige vogels zoveel verder dan andere?

De afstand is een afweging tussen kosten en baten.

  • Voedsel. Insecteneters die in noordelijke bossen broeden, vinden in de winter niet genoeg te eten en moeten ver naar het zuiden. Zaadeters en vogels die van menu kunnen wisselen, zoals mezen, kunnen vaak blijven.
  • Broedkansen. Lange zomerdagen en een explosie aan insecten in het hoge noorden bieden een rijk seizoen om jongen groot te brengen.
  • Concurrentie. Uitwijken naar minder drukke broedgebieden kan de concurrentie om voedsel en nestplaatsen verminderen.
  • Evolutionaire geschiedenis. Routes weerspiegelen vaak hoe een soort zich vroeger heeft verspreid. Tapuiten die in Alaska broeden, keren nog steeds terug naar Afrika en volgen daarmee het pad van de uitbreiding van hun voorouders, in plaats van in Amerika te overwinteren.
  • Haasje-overtrek. Bij sommige soorten overwinteren de noordelijkste broedpopulaties het zuidelijkst en springen ze over populaties heen die ertussenin blijven. Bij de bontbekplevier is dit patroon goed beschreven: vogels uit het hoge noorden overwinteren verder zuidelijk dan vogels uit gematigde streken.

Hoe meten wetenschappers trekafstanden?

Onze kennis is de afgelopen twintig jaar enorm veranderd.

  1. Ringonderzoek. Vogels een genummerde ring om de poot doen en ze later terugvinden, gebeurt al meer dan een eeuw. In Nederland coördineert het Vogeltrekstation het ringonderzoek. Ringen laten begin- en eindpunt zien, maar niet de route.
  2. Radar. Weerradars en speciale vogelradars detecteren ‘s nachts grote golven trekvogels en laten zien wanneer en waar de trek plaatsvindt.
  3. Lichtloggers. Minuscule loggers registreren daglengte en tijdstippen, waardoor onderzoekers de positie kunnen schatten. Ze moeten van de vogel worden teruggehaald om de gegevens uit te lezen.
  4. Satelliet- en gps-zenders. Grotere vogels kunnen zenders dragen die hun positie in real time doorgeven. Zo zijn de vluchten van grutto’s en rosse grutto’s gevolgd.
  5. Automatische radiotelemetrie. Netwerken zoals het Motus Wildlife Tracking System gebruiken ontvangststations om kleine radiozenders op kleine vogels, vleermuizen en insecten op te pikken als ze voorbijkomen.

Veel van deze onderzoeken laten ook zien hoe vogels navigeren, een onderwerp dat we behandelen in hoe vogels weten waar ze heen moeten trekken.

Fabels en feiten over trekafstanden

Fabel: vogels vliegen in één lange reis naar het zuiden. Feit: de meeste zangvogels trekken in etappes, vliegen ‘s nachts en stoppen dagenlang om bij te tanken.

Fabel: kleine vogels liften mee op de rug van ganzen of ooievaars. Feit: daar is geen enkel bewijs voor. Ook de kleinste trekvogels vliegen op eigen kracht.

Fabel: alle vogels van een soort trekken even ver. Feit: afstanden verschillen vaak per populatie, leeftijd en geslacht. Sommige individuen van een soort trekken, andere blijven.

Fabel: vogels voeren in de herfst houdt ze tegen om te trekken. Feit: de trek wordt vooral op gang gebracht door daglengte en een inwendige klok, niet door voedsel in een voederhuisje.

Wat dit betekent voor wie vogels in de tuin kijkt

  • Laat voer en water in herfst en voorjaar staan. Trekvogels die langskomen, gebruiken tuinen om tussen twee vluchten bij te tanken.
  • Plant inheemse struiken en bomen. Inheemse planten vol insecten en herfstbessen, zoals meidoorn, vlier en lijsterbes, helpen doortrekkers veel meer dan een gazon.
  • Let op het weer. Grote trekdagen volgen in de herfst vaak op een koufront met noordoostenwind en in het voorjaar op warme zuidelijke wind. Op trektellen.nl kun je zien wat tellers op dat moment in Nederland en België zien overkomen.
  • Doe onnodige buitenverlichting uit. Nachtelijke trekvogels kunnen door kunstlicht gedesoriënteerd raken, vooral in steden.
  • Geef je waarnemingen door. Checklists invoeren in eBird of waarnemingen doorgeven via Waarneming.nl of Waarnemingen.be helpt wetenschappers de timing en afstand van de trek te volgen. Onze eBird-gids laat zien hoe dat werkt.

Conclusie

Vogels trekken van een paar kilometer tot meer dan 70.000 km per jaar. De meeste tuinvogels leggen bescheiden afstanden af, veel zangvogels maken reizen van een paar duizend kilometer per enkele reis, en een handvol zeevogels en steltlopers verlegt de grenzen van wat mogelijk lijkt door hele oceanen over te steken zonder te landen. Moderne zenders onthullen steeds langere reizen dan iemand had verwacht, dus de records van vandaag blijven misschien niet lang staan.

Bronnen

Meest gelezen

Veelgestelde vragen

Hoe ver trekt een vogel gemiddeld?

Een zinvol gemiddelde bestaat niet, omdat de afstanden lopen van een paar kilometer tot tienduizenden kilometers. Veel bekende tuinvogels zijn korteafstandstrekkers die een paar honderd kilometer afleggen, terwijl zangvogels die in Afrika ten zuiden van de Sahara overwinteren vaak 4.000 tot 8.000 km per enkele reis vliegen. Sommige zeevogels en steltlopers leggen over een heel jaar nog veel meer af.

Welke vogel trekt het verst?

De noordse stern geldt als de vogel met de langste jaarlijkse trek. Onderzoek aan sterns uit Groenland en IJsland vond rondreizen van gemiddeld ongeveer 71.000 km, en later onderzoek aan Nederlandse broedvogels mat zelfs reizen van rond de 90.000 km per jaar. De rosse grutto heeft het record voor de langst bekende vlucht zonder tussenstop: meer dan 13.000 km.

Hoe ver vliegt een trekvogel op één dag?

Dat hangt af van de soort. Veel kleine zangvogels vliegen in één nacht een paar honderd kilometer en rusten en eten daarna een of meer dagen, zodat hun gemiddelde voortgang lager ligt. Steltlopers die zonder tussenstop een oceaan oversteken, kunnen ruim een week lang meer dan 1.000 km per dag afleggen zonder te landen.

Trekken alle vogels?

Nee. Veel vogels zijn standvogels, zoals de meeste koolmezen, pimpelmezen, huismussen en spechten in Nederland en België. Andere zijn gedeeltelijke trekvogels: sommige populaties of individuen trekken, andere blijven. Soorten zoals kruisbekken, barmsijzen en pestvogels trekken onregelmatig, afhankelijk van het voedselaanbod, in plaats van volgens een vast jaarlijks schema.

Hoe hoog vliegen trekvogels?

De meeste trekkende zangvogels vliegen op een paar honderd tot enkele duizenden meters hoogte, vaak onder de 3.000 m, en kiezen de hoogte met de gunstigste wind. Sommige soorten vliegen veel hoger. Indische ganzen steken de Himalaya over, en zenderonderzoek heeft trekvogels boven de Sahara soms op meer dan 5.000 m hoogte gemeten.