Staartmees in je tuin lokken: voer, struiken en nestplek
Staartmees in de tuin lokken: hang vetbollen zonder netje en vogelpindakaas op, plant doornstruiken als meidoorn en sleedoorn en laat mos en korstmos staan.
Koop je via links op deze pagina, dan kunnen we een commissie ontvangen, zonder extra kosten voor jou. Dat bepaalt nooit wat we aanraden. Hoe we verdienen

In dit artikel
- De staartmees in het kort
- Hoe herken je een staartmees?
- Is de staartmees een echte mees?
- Waar leeft de staartmees?
- Groepsleven: waarom staartmezen samen leven
- Wat eet een staartmees?
- De beste voerplek voor staartmezen
- Water voor staartmezen
- Planten die staartmezen helpen
- Het nest van de staartmees
- Maandkalender: de staartmees door het jaar
- Staartmezen in een strenge winter
- Problemen en hoe je ze oplost
- Veelgemaakte fouten
- De staartmees en de wet
- Kort samengevat
- Bronnen
- Veelgestelde vragen
Staartmezen, vogeltjes van ongeveer 8 gram, lok je naar je tuin met vet en dekking. Hang vetbollen en vetblokken zonder netje, pindakaas voor vogels en een gaassilo met pinda’s op, op een plek waar meerdere vogels tegelijk kunnen hangen, en zorg voor dichte, doornige struiken zoals meidoorn, sleedoorn, hulst en braam. Staartmezen gebruiken geen nestkast: ze bouwen zelf een bolvormig nest in een doornstruik. Wie mos, korstmos en spinnenwebben in de tuin laat, geeft ze ook het bouwmateriaal.
Een groepje staartmezen dat je tuin in komt tuimelen, met hun lange staartjes en hoge roepjes, is een van de leukste winterse taferelen. In deze gids lees je hoe je ze herkent, wat ze eten, welke voerders en planten helpen, hoe hun bijzondere nest in elkaar zit en wat je per maand kunt verwachten.
De staartmees in het kort
| Kenmerk | Details |
|---|---|
| Wetenschappelijke naam | Aegithalos caudatus |
| Lengte | Ongeveer 13 tot 15 cm, waarvan ongeveer de helft staart |
| Gewicht | Ongeveer 7 tot 9 g |
| Voorkomen in Nederland en België | Vrij algemeen in bossen, parken, struwelen en tuinen met struiken |
| Seizoen | Het hele jaar, standvogel; in sommige winters witkopstaartmezen uit het noorden |
| Dieet | Kleine insecten, spinnen, eitjes en larven; in de winter ook vet en zaden op voerplekken |
| Voerders | Vetbollenhouder, vetkooi, pindakaaspotje, pindasilo van gaas |
| Nestplaats | Zelfgebouwd gesloten nest in doornstruiken of boomvorken |
| Nestkast | Wordt niet gebruikt |
| Legsel | Vaak 6 tot 10 eieren, 1 legsel per jaar |
Maten en broedgegevens zijn gangbare waarden uit Europese vogelgidsen en de soortinformatie van Vogelbescherming Nederland.
Hoe herken je een staartmees?
Een staartmees ziet eruit als een klein, rond balletje met een lange steel. Het lichaampje is niet groter dan dat van een pimpelmees, maar de smalle zwarte staart met witte randen is ongeveer net zo lang als de rest van de vogel. Het snaveltje is piepklein en stomp.
De kleuren zijn roze, zwart en wit. De kop is wit met een brede zwarte streep boven het oog die doorloopt naar de nek. De rug is zwart, met roze op de schouders. De onderkant is vuilwit met een roze waas op flanken en onderbuik. De vleugels zijn donker met witte randjes.
Mannetje, vrouwtje en jong
Mannetje en vrouwtje zijn in het veld niet uit elkaar te houden. Jonge staartmezen, die je vanaf mei ziet, hebben nog geen roze, een donkerder, bruinachtig gezicht en een kortere staart. Ze trekken met de ouders en helpers rond in een groepje.
De witkopstaartmees
In Scandinavië en Oost-Europa leeft een ondersoort met een volledig witte kop, zonder zwarte streep: de witkopstaartmees. In sommige winters komen er meer van naar Nederland en België. Daarnaast zie je bij ons ook staartmezen met een grotendeels witte kop en alleen een vage streep, tussenvormen tussen de twee. Een staartmees met een helemaal witte kop in je tuin is dus een leuke waarneming om te noteren, maar niet altijd met zekerheid een noordelijke gast.
Roep
Staartmezen hoor je vaak voordat je ze ziet. Het typische geluid is een hoog, dun “sri-sri-sri”, afgewisseld met een droog, ratelend “tsjerr” of “prrt”. Die roepjes houden de groep bij elkaar terwijl ze door de struiken bewegen. De zang is zacht en weinig opvallend.

Soorten die op de staartmees lijken
Door de vorm is de staartmees nauwelijks te verwarren.
- Baardman: ook een kleine vogel met een lange staart, maar oranjebruin en vrijwel alleen in rietvelden.
- Witte kwikstaart: lange staart en zwart-wit, maar veel groter, loopt op de grond en wipt met de staart.
Is de staartmees een echte mees?
Ondanks de naam niet. De staartmees hoort bij een eigen familie, de staartmezen, en is geen familie van koolmees of pimpelmees in strikte zin. In gedrag lijkt hij wel op de mezen: hij hangt aan twijgjes, zoekt kleine insecten en trekt in de winter vaak mee in gemengde groepen met mezen, goudhaantjes en boomkruipers. Het grootste verschil zit in het broeden. Echte mezen broeden in holtes, de staartmees bouwt een eigen, gesloten nest in een struik.
Waar leeft de staartmees?
De staartmees komt in heel Nederland en België voor, in loofbos en gemengd bos met veel ondergroei, bosranden, struwelen, parken, begraafplaatsen en tuinen met hagen en struiken. Hij houdt van plekken waar dichte, doornige struiken en bomen met korstmos samenkomen. Het is een standvogel die het hele jaar in de buurt blijft, al zwerven de groepen buiten het broedseizoen door een groter gebied.
Groepsleven: waarom staartmezen samen leven
Buiten het broedseizoen leven staartmezen in groepen van ongeveer zes tot twintig vogels. Zo’n groep bestaat vaak uit een of meer broedparen, hun jongen en verwante vogels. De groep verdedigt samen een wintergebied en trekt daar in een vaste ronde doorheen. Daardoor zie je staartmezen vaak op min of meer vaste tijden in je tuin.
’s Nachts slapen staartmezen dicht tegen elkaar aan op een tak, in een rijtje, diep in een dichte struik of klimop. Een vogel van 8 gram verliest in een koude nacht veel warmte, en door samen te zitten verliezen ze minder. Strenge winters kunnen toch veel slachtoffers maken onder staartmezen. Na zo’n winter duurt het vaak een paar jaar voor de aantallen zich herstellen. Onze gids over waarom vogels in groepen leven gaat dieper in op de voordelen van samen optrekken.
In het voorjaar vallen de groepen uiteen in broedparen. Als een broedsel mislukt, gaan die ouders vaak helpen bij het voeren van jongen van een verwant paar in de buurt. Dit samenwerkend broeden is bij staartmezen uitgebreid onderzocht, onder meer in Engeland.
Wat eet een staartmees?
Van nature eet de staartmees vooral heel kleine prooi: bladluizen, kleine rupsen, spinnetjes, insecteneitjes en larven. Met zijn kleine snaveltje zoekt hij die op de buitenste twijgjes van bomen en struiken, vaak ondersteboven hangend. Door zijn lichte gewicht kan hij daar komen waar grotere vogels niet bij kunnen.
In de winter, als insecten schaars zijn, bezoeken staartmezen steeds vaker voerplekken. Daar eten ze vooral vet en fijne, zachte stukjes voer.
Het beste voer voor staartmezen
| Voer | Waarom het werkt | Voerder |
|---|---|---|
| Vetbollen en vetblokken | Pure energie, makkelijk te pikken | Vetbollenhouder, vetkooi |
| Pindakaas voor vogels | Vet en eiwit, zonder zout en suiker | Speciaal potje of houder |
| Fijne stukjes ongezouten pinda | Vet en eiwit | Pindasilo van metaalgaas |
| Gepelde zonnebloempitten | Zacht en vetrijk | Kleine silo, voertafel |
| Fijne vetkorrels of vetkruimels | Klein genoeg voor een piepklein snaveltje | Schaaltje, voertafel |
Staartmezen zijn vooral dol op vet. Onze vergelijking van vetblokken en vetbollen laat zien waar je op let bij de ingrediënten. Pindakaas mag, als het een product zonder zout, suiker en palmolie is dat voor vogels gemaakt is. Onze gids mag je vogels pindakaas geven legt uit welke je kiest.
Bekijk de prijs op Amazon Een metalen houder is veiliger dan de plastic netjes waarin vetbollen vaak worden verkocht. Het aanbod verschilt per land.

Vetbollen zonder netje
Haal vetbollen altijd uit het plastic netje. Staartmezen, met hun kleine pootjes, kunnen in de mazen verstrikt raken. Gebruik een metalen vetbollenhouder of een spiraal. Onze vergelijking van vetbollenhouders zet de types op een rij.
De beste voerplek voor staartmezen
Staartmezen komen als groep. Dat vraagt om een voerplek waar meerdere vogels tegelijk kunnen eten.
- Meerdere vetbollen naast elkaar: een houder voor drie of vier vetbollen, of twee houders vlak bij elkaar.
- Een vetkooi met fijne mazen: houdt eksters, kauwen en spreeuwen buiten, terwijl kleine vogels er goed aan kunnen hangen.
- Vlak bij dekking: staartmezen bewegen van struik naar struik. Een voerplek op een paar meter van een haag of dichte struik wordt sneller gevonden en vaker bezocht.
Hang de voerders wel zo dat een kat niet ongezien kan naderen. Onze gids over waar hang je een voederhuisje geeft praktische afstanden.
Water voor staartmezen
Staartmezen drinken en baden, en doen dat ook vaak als groep. Een ondiepe schaal met een ruwe bodem en een paar centimeter schoon water, niet ver van struiken, trekt ze. Geef bij vorst ‘s ochtends lauw water en maak de schaal regelmatig schoon.
Planten die staartmezen helpen
De staartmees heeft twee dingen nodig: struiken en bomen vol kleine insecten, en dichte, doornige plekken om te nestelen en te slapen.
| Plant | Wat de staartmees eraan heeft |
|---|---|
| Meidoorn (Crataegus monogyna) | Doornig, dicht, geliefde nestplek, insecten |
| Sleedoorn (Prunus spinosa) | Zeer doornig, vroeg in bloei, veel insecten |
| Braam (Rubus fruticosus) | Doornige dekking en nestplek laag bij de grond |
| Hulst (Ilex aquifolium) | Groenblijvend, beschutte slaapplek in de winter |
| Gaspeldoorn (Ulex europaeus) | Doornige struik op zandgrond, nestplek |
| Wilg (inheemse Salix-soorten) | Veel insecten in het vroege voorjaar |
| Ruwe berk (Betula pendula) | Insecten en korstmos op de stam |
| Zomereik (Quercus robur) | Veel kleine rupsen in het voorjaar |
| Klimop (Hedera helix) | Groenblijvende dekking en slaapplek |
Een gemengde haag van meidoorn, sleedoorn en hulst is voor staartmezen misschien wel het mooiste wat je kunt aanleggen. Onze gids over besdragende struiken helpt je bij de keuze van soorten die ook andere tuinvogels voeden.
Het nest van de staartmees
Het nest van de staartmees is een van de knapste bouwwerken van alle Europese vogels. Het is een gesloten, eivormig bolletje met een kleine ingang aan de bovenkant van de zijkant. De buitenkant bestaat uit mos, bij elkaar gehouden met spinrag en bekleed met stukjes korstmos, waardoor het nest wegvalt tegen een bemoste tak. De binnenkant is gevoerd met veertjes, heel veel veertjes: tellingen komen uit op honderden tot meer dan duizend per nest.
Door het spinrag kan het nest meegroeien als de jongen groter worden. Beide ouders bouwen, en dat duurt vaak een paar weken. Het nest zit in een doornstruik zoals meidoorn, sleedoorn, braam of gaspeldoorn, of hoger in een vork van een boom, tegen de stam. Onze gids over hoe vogels nesten bouwen laat zien hoe verschillend soorten dat aanpakken.
Zo help je bij het nestelen
- Plant dichte, doornige struiken en snoei ze niet in het broedseizoen.
- Laat mos en korstmos zitten op bomen, stenen en schuttingen. Een tuin die niet helemaal schoongespoten is, levert bouwmateriaal.
- Laat spinnenwebben met rust in hoeken van schuren en hagen.
- Bied geen kunststof aan. Draadjes van synthetische wol, droger- of wasmachinepluis en lange draden kunnen jongen verstrikken of nat worden en niet drogen. Natuurlijke materialen uit de tuin zijn beter.
Een nestkast heeft voor de staartmees geen zin. Je helpt hem meer met een rijke, wat rommelige tuin.

Het broedseizoen
Staartmezen beginnen vroeg. De nestbouw start vaak al in maart, soms eind februari. Een legsel telt vaak 6 tot 10 eieren. Het vrouwtje broedt ongeveer twee weken, daarna blijven de jongen ruim twee weken in het nest. Veel nesten gaan verloren aan eksters, gaaien en andere rovers. Staartmezen hebben meestal maar één geslaagd broedsel per jaar. Mislukte broeders helpen vaak bij een verwant paar.
Maandkalender: de staartmees door het jaar
| Maand | Wat er gebeurt | Wat jij doet |
|---|---|---|
| Januari | Groepen trekken rond, slapen samen | Vetbollen zonder netje, pindakaas |
| Februari | Groepen vallen uiteen, paren vormen | Doornstruiken niet meer snoeien |
| Maart | Nestbouw in doornstruiken | Mos, korstmos en spinrag laten zitten |
| April | Eileg en broeden | Rust rond hagen, katten binnen |
| Mei | Jongen in het nest, helpers voeren mee | Niet spuiten tegen luizen |
| Juni | Families met jonge vogels | Water en vet in kleine porties |
| Juli | Rui, groepen vormen zich | Voerders schoonmaken |
| Augustus | Rustig, weinig zichtbaar | Water blijven geven |
| September | Groepen zwerven, gemengd met mezen | Voerplek klaarmaken |
| Oktober | Vaste rondes door tuinen | Vetbollen ophangen |
| November | Vaker aan de voerplek | Meerdere vetbollen naast elkaar |
| December | Kou maakt ze kwetsbaar | Dagelijks vet, lauw water bij vorst |
Staartmezen in een strenge winter
Voor een vogel van ongeveer 8 gram is elke winternacht een uitdaging. Staartmezen hebben weinig reserve en kunnen niet, zoals mezen, in een holte of nestkast wegkruipen. Ze zijn daarom extra afhankelijk van drie dingen: een goede slaapplek, genoeg energierijk voer overdag en elkaar.
Wat je in de winter kunt doen:
- Zorg voor een beschutte slaapplek. Dichte, groenblijvende struiken als hulst, taxus en klimop tegen een muur bieden beschutting tegen wind en neerslag. Een groep staartmezen kiest vaak elke nacht dezelfde plek.
- Vul het vet vroeg aan. Na een koude nacht moeten staartmezen snel eten. Een volle vetbollenhouder bij het eerste licht maakt dan verschil.
- Geef voer in kleine stukjes. Het snaveltje is te klein voor hele pinda’s of grote zaden. Fijne vetkorrels, gepelde pitten en pindakaas werken beter.
- Houd water open. Ook bij vorst hebben vogels water nodig. Lauw water in een ondiepe schaal is snel gevonden.
Na een zachte winter kan het aantal staartmezen snel groeien, na een strenge winter kan het flink dalen. Tellingen zoals de Nationale Tuinvogeltelling van Vogelbescherming Nederland en Sovon, en in Vlaanderen die van Natuurpunt, laten die schommelingen goed zien. Tel je mee, dan draag je bij aan dat beeld.
Problemen en hoe je ze oplost
Staartmezen komen maar even
Dat is normaal. Een groep trekt in een ronde door zijn gebied en blijft vaak maar een paar minuten. Met vet op een vaste plek, dichtbij struiken, komen ze wel steeds terug.
Grote vogels bezetten de vetbollen
Eksters, kauwen en spreeuwen eten graag vet. Een vetkooi met fijne mazen of een houder onder een kap laat kleine vogels erbij en houdt grotere buiten.
Katten en nestrovers
Een nest diep in een doornstruik is het best beschermd. Houd je eigen kat binnen in de weken dat jongen uitvliegen. Onze gids katten en vogels geeft meer tips.
Hygiëne
Maak voerders elke week of twee schoon met heet water en een borstel, laat ze drogen en vervang vet dat ranzig ruikt of beschimmeld is.
Veelgemaakte fouten
- Een nestkast ophangen voor staartmezen. Die gebruiken ze niet.
- Hagen snoeien in het voorjaar. Juist dan zitten er nesten in.
- Alle mos en korstmos wegspuiten. Dat is het bouwmateriaal voor het nest.
- Vetbollen in een netje. Altijd eraf halen.
- Eén vetbol voor een hele groep. Geef meerdere hangplekken.
- Gif tegen bladluizen. Dat is precies het voer voor de jongen.
- Kunststof nestmateriaal aanbieden. Liever niets dan synthetische draadjes.
De staartmees en de wet
Alle in het wild levende vogels in Nederland en België zijn beschermd, op grond van de Europese Vogelrichtlijn en de nationale natuurwetgeving. Een nest in gebruik mag je niet verstoren of verwijderen. Controleer hagen en struiken daarom altijd op nesten voor je snoeit, en snoei bij voorkeur in de winter.
Kort samengevat
Wil je staartmezen in je tuin, hang dan meerdere vetbollen zonder netje, pindakaas voor vogels en een gaassilo met pinda’s op, vlak bij dichte struiken. Plant een gemengde haag van meidoorn, sleedoorn en hulst, laat mos, korstmos en spinnenwebben zitten en snoei niet in het broedseizoen. Een nestkast is niet nodig: met een rijke, wat ruige tuin geef je de staartmees alles wat hij zoekt.
Bronnen
Veelgestelde vragen
Wat eten staartmezen op de voerplek?
Staartmezen zijn insecteneters met een piepklein snaveltje. Op de voerplek kiezen ze vooral vet: vetbollen en vetblokken zonder netje, pindakaas voor vogels, en fijne stukjes ongezouten pinda uit een gaassilo. Ook gepelde zonnebloempitten en fijne vetkorrels worden gegeten. Ze komen meestal met de hele groep tegelijk, dus zorg voor meerdere plekken waar ze kunnen hangen.
Gebruiken staartmezen een nestkast?
Nee. Staartmezen bouwen zelf een gesloten, bolvormig nest van mos, spinrag en korstmos, bekleed met heel veel veertjes. Dat nest bouwen ze in doornige struiken zoals meidoorn, sleedoorn, braam of hulst, of in een vork van een boom. Je helpt ze meer met dichte, doornige beplanting en een tuin waar mos, korstmos en spinnenwebben mogen blijven.
Waarom zie je staartmezen altijd in groepjes?
Buiten het broedseizoen leven staartmezen in groepen van ongeveer zes tot twintig vogels, vaak een familie met ouders, jongen en verwante helpers. Samen vinden ze sneller voer en zien ze eerder gevaar. 's Nachts slapen ze dicht tegen elkaar op een tak in een dichte struik. Voor zo'n kleine vogel is dat een belangrijke manier om warm te blijven.
Wat is een witkopstaartmees?
De witkopstaartmees is de noordelijke ondersoort van de staartmees, uit Scandinavië en Oost-Europa, met een helemaal witte kop zonder zwarte streep. In sommige winters komen er meer naar Nederland en België. Onze eigen staartmezen hebben meestal een brede donkere streep boven het oog, maar er komen ook tussenvormen voor met een grotendeels witte kop.
Is de staartmees echt een mees?
Niet helemaal. Ondanks de naam hoort de staartmees niet bij de echte mezen, zoals koolmees en pimpelmees, maar bij een eigen familie. Hij lijkt in gedrag wel op de mezen en trekt in de winter vaak met ze op. Het grootste verschil zie je in het broeden: staartmezen bouwen een gesloten nest in struiken en gebruiken geen boomholtes of nestkasten.