Merel in je tuin lokken: voer, nestplek en besstruiken
Merel in de tuin lokken: geef appels, geweekte rozijnen en meelwormen op de grond, plant besstruiken en een haag en laat blad liggen voor wormen en insecten.
Koop je via links op deze pagina, dan kunnen we een commissie ontvangen, zonder extra kosten voor jou. Dat bepaalt nooit wat we aanraden. Hoe we verdienen

In dit artikel
- De merel in het kort
- Hoe herken je een merel?
- Waar leeft de merel in Nederland en België?
- Wat eet een merel?
- De juiste voerplek voor een merel
- Water voor merels
- Planten die merels helpen
- De nestplek van de merel
- Maandkalender: de merel door het jaar
- Problemen en hoe je ze oplost
- Veelgemaakte fouten
- De merel en de wet
- Kort samengevat
- Bronnen
- Veelgestelde vragen
Een merel in de tuin lokken doe je met fruit en zacht voer op de grond, dichte begroeiing en een tuin waar het bodemleven de ruimte krijgt. Geef appels, geweekte rozijnen, meelwormen en zachtvoer op een lage voertafel of op het gazon, plant besstruiken en een dichte haag of klimop, en laat blad liggen onder struiken. Dan vindt de merel wormen, insecten, bessen en een veilige nestplek op 1 tot 3 meter hoogte, en blijft hij het hele jaar.
De merel is een van de bekendste tuinvogels van Nederland en België. Zijn zang op een dakgoot in de lente is voor veel mensen hét geluid van de lente. Toch is een merel meer dan een vogel die er gewoon is: je kunt je tuin zo inrichten dat hij er het hele jaar goed kan leven en broeden. Deze gids laat zien hoe je hem herkent, wat hij eet, hoe je voert, welke planten helpen, waar hij broedt, wat je per maand doet en welke fouten je beter vermijdt.
De merel in het kort
| Kenmerk | Details |
|---|---|
| Wetenschappelijke naam | Turdus merula |
| Lengte | Ongeveer 24 tot 27 cm |
| Gewicht | Ongeveer 80 tot 110 g |
| Voorkomen in Nederland en België | Zeer algemene broedvogel van tuinen, parken, bossen en stadscentra, in het hele land |
| Seizoen | Het hele jaar; in herfst en winter extra merels uit Noord- en Oost-Europa |
| Dieet | Regenwormen, insecten, larven en slakken; in herfst en winter veel bessen en fruit |
| Voerplek | Op de grond, lage voertafel of schaaltje |
| Nestplaats | Dichte haag, klimop, struik, klimplant of richel |
| Legsel | Meestal 3 tot 5 eieren, twee of drie legsels per jaar |
Maten en broedgegevens zijn gangbare waarden uit Europese vogelgidsen en de soortinformatie van Vogelbescherming Nederland.
Hoe herken je een merel?
De merel is een middelgrote lijster met een lange staart, een rechte houding en een ronde kop. Hij hipt en rent over het gras, blijft abrupt staan, houdt zijn kop schuin en pikt dan snel toe. Bij het landen tilt hij vaak even zijn staart op.
Mannetje, vrouwtje en jong
- Mannetje: helemaal zwart, met een felle oranjegele snavel en een gele oogring.
- Vrouwtje: donkerbruin, met een lichtere keel en een vaag gevlekte, roodbruin getinte borst. De snavel is bruin tot doffe geel.
- Jonge vogel: warm roestbruin, met lichte vlekjes op de rug en donkere vlekken op de borst. Net uitgevlogen jongen hebben een korte staart en zitten vaak onhandig op de grond.
- Eerstejaars mannetje: in de eerste winter al zwart, maar met bruinere vleugels en een donkere snavel die in het voorjaar oranje kleurt.
Af en toe zie je een merel met witte veren, soms maar een paar, soms veel. Dat is meestal leucisme, een pigmentafwijking. Zulke vogels zijn in je tuin makkelijk herkenbaar, waardoor je kunt zien hoe lang een individu blijft.
Zang en roep
- Zang: een rijke, rustige, fluitende strofe, vaak afgesloten met een zachter gekwetter. Vooral in de vroege ochtend en de avondschemering, vanaf een hoog zitpunt.
- Alarm: een luid, doordringend “tsjak-tsjak-tsjak” of een hysterische ratel bij een kat of een sperwer.
- Avondroep: een herhaald “pink-pink-pink” bij zonsondergang, als merels hun slaapplek opzoeken.
De zang van de merel is een uitstekende start om vogels op geluid te leren herkennen. Onze gids vogels herkennen aan hun zang helpt je op weg.

Soorten die op de merel lijken
- Beflijster: een zwarte lijster met een witte halve maan op de borst. Trekt in voorjaar en najaar door, maar zelden in tuinen.
- Spreeuw: zwart met glans en vlekjes, maar met een kortere staart, een puntige snavel en een waggelende loop in plaats van hippen.
- Zanglijster: lijkt op een vrouwtje merel, maar is kleiner, lichter bruin en heeft duidelijke donkere vlekken op een lichte borst.
- Zwarte kraai en kauw: veel groter, met een zware zwarte snavel.
Waar leeft de merel in Nederland en België?
De merel is oorspronkelijk een bosvogel, maar heeft zich in de afgelopen twee eeuwen massaal aan het leven in dorpen en steden aangepast. Tegenwoordig broedt hij bijna overal waar struiken, gras en wat bomen zijn: in tuinen, parken, begraafplaatsen, bosranden en zelfs in drukke stadscentra.
De meeste Nederlandse en Belgische merels blijven het hele jaar. In herfst en winter komen daar merels uit Scandinavië, het Oostzeegebied en verder naar het oosten bij. Die vogels zijn vaak schuwer en eten graag van bessenstruiken. In oktober en november kan het daardoor drukker zijn in je tuin.
Merels en het usutuvirus
Sinds 2016 is in Nederland en België het usutuvirus vastgesteld bij merels. Dat virus wordt door muggen overgedragen en heeft in sommige jaren en regio’s veel merels gedood. Sovon Vogelonderzoek Nederland volgt samen met andere onderzoeksinstellingen hoe de aantallen zich ontwikkelen. Vind je een dode of zieke merel, kijk dan op de website van Sovon of andere instanties of er een meldpunt actief is. Raak dode vogels niet met blote handen aan. Onze gids zieke vogels bij de voerplek legt uit wat je verder kunt doen.
Wat eet een merel?
Merels zijn alleseters met een voorkeur voor dierlijk voedsel in voorjaar en zomer en voor fruit in herfst en winter.
- Regenwormen: het belangrijkste voedsel, vooral op vochtige gazons en in bladlagen.
- Insecten, larven en slakken: in strooisel, onder struiken en op kale grond.
- Bessen en fruit: meidoorn, lijsterbes, vlier, klimop, hulst, en gevallen appels en peren.
Merels zoeken veel van hun voedsel door blad om te gooien. Je hoort ze in een stille tuin vaak ritselen onder struiken, terwijl ze met snavel en poten de bladlaag doorzoeken.
Het beste voer voor merels
| Voer | Waarom het werkt | Hoe aanbieden |
|---|---|---|
| Appels en peren | Vocht en suikers, vooral in de winter | Gehalveerd op de grond of op een pin |
| Geweekte rozijnen en krenten | Zacht, energierijk | Op een schaaltje of voertafel |
| Meelwormen | Dierlijk eiwit, ideaal in het broedseizoen | Levend of gedroogd en geweekt, op een schaaltje |
| Zachtvoer of insectenvoer | Past bij zijn dieet | Lage voertafel |
| Vetkruimels | Energie op koude dagen | Schaaltje of voertafel |
| Havervlokken | Makkelijk en goedkoop | Licht bevochtigd, in kleine hoeveelheden |
Fruit is in de winter de sterkste lokker. Leg halve appels verspreid over het gazon, zodat meerdere merels tegelijk kunnen eten zonder ruzie. Onze gids fruit voor vogels legt uit welk fruit wanneer het meest wordt gegeten. In het voorjaar zijn meelwormen waardevol. Lees in onze gids over gedroogde meelwormen waar je op let.
Bekijk de prijs op Amazon Kies meelwormen zonder toevoegingen en laat ze even weken voor je ze aanbiedt. Het aanbod verschilt per land.

Wat je beter niet geeft
Brood, gezouten etensresten, kaas met kruiden en melk horen niet op de voerplek. Brood vult, maar levert weinig voedingsstoffen en beschimmelt snel. Onze gids is brood slecht voor vogels zet de feiten op een rij.
De juiste voerplek voor een merel
Merels zijn grondvogels. Ze eten liever van de grond of een lage voertafel dan uit een silo.
- Laag voeren. Een lage voertafel, een schaaltje op een tegel of het gazon zelf werkt het best. In onze gids over voertafels lees je welke makkelijk schoon te houden zijn.
- Zicht rondom. Merels willen een naderende kat op tijd kunnen zien. Leg voer op een open plek, met dekking op een paar meter.
- Verspreid voeren. Merels zijn territoriaal en jagen elkaar weg. Meerdere voerplekjes voorkomen gevechten.
- Kleine porties. Liever dagelijks een beetje vers voer dan een grote hoop die blijft liggen en ratten aantrekt.
Water voor merels
Merels drinken en baden veel, ook in de winter. Een ondiepe schaal, een paar centimeter diep, met een ruwe bodem is ideaal. Zet hem op een plek met zicht rondom, ongeveer twee meter van dekking, zodat de merel na het baden snel een struik in kan maar een kat niet ongezien kan naderen. Ververs het water om de paar dagen en schrob de schaal regelmatig.
In droge zomers is water voor merels extra belangrijk. Als de grond hard is, zijn wormen moeilijk bereikbaar. Een stukje gazon of border af en toe natmaken helpt dan ook: wormen komen naar boven en merels kunnen weer zoeken.
Planten die merels helpen
Een tuin met inheemse struiken, bessen en dichte begroeiing is voor merels ideaal. Deze soorten doen het goed in Nederland en Vlaanderen:
| Plant | Wat de merel eraan heeft |
|---|---|
| Meidoorn (Crataegus monogyna) | Dichte, doornige nestplek en bessen in de herfst |
| Klimop (Hedera helix) | Nestplek en bessen laat in de winter |
| Lijsterbes (Sorbus aucuparia) | Bessen vanaf de nazomer |
| Gewone vlier (Sambucus nigra) | Bessen in de nazomer, insecten bij de bloei |
| Hulst (Ilex aquifolium) | Groenblijvende dekking, bessen aan vrouwelijke planten |
| Gelderse roos (Viburnum opulus) | Bessen die lang blijven hangen |
| Sleedoorn (Prunus spinosa) | Doornige dekking, sleedoorns in de herfst |
| Wilde liguster (Ligustrum vulgare) | Halfgroenblijvende haag, zwarte bessen |
| Hoogstam fruitbomen | Gevallen fruit in de herfst |
Kies bessen die elkaar opvolgen van de nazomer tot de late winter. Onze gids over besdragende struiken voor de winter helpt je daarbij. En laat blad onder struiken liggen: dat is voor merels een voorraadkast vol wormen en insecten. Onze gids laat het blad liggen legt uit waarom.
De nestplek van de merel
De merel is geen holenbroeder. Hij bouwt een open, komvormig nest van gras, takjes en mos, met een binnenlaag van modder of nat materiaal die hij met zijn borst glad drukt, en daarbovenop een zachte laag fijn gras. Het nest zit meestal op 1 tot 3 meter hoogte, verscholen in een dichte haag, klimop, een klimroos, een struik of een conifeer. In schuren en carports broedt hij soms op een richel of balk.

Zo help je een merel aan een nestplek
- Dichte hagen. Een haag van meidoorn, liguster of haagbeuk is een van de beste nestplekken.
- Klimop en klimplanten. Een muur of schutting met klimop biedt dekking en een stevige basis.
- Een nestplankje. Een halfopen nestkast of een open plankje met een randje, goed verscholen in klimop, wordt soms gebruikt.
- Modder. In een droog voorjaar helpt een modderig plekje in de tuin bij de nestbouw.
Het broedseizoen van de merel
Merels beginnen vroeg. Bij zacht weer bouwen ze al in maart een nest. Het vrouwtje legt meestal 3 tot 5 blauwgroene eieren met bruine spikkels en broedt ze ongeveer twee weken uit. De jongen verlaten het nest na ongeveer twee weken, vaak voordat ze goed kunnen vliegen. Ze zitten dan een paar dagen in lage begroeiing en worden gevoerd door de ouders. Merels hebben vaak twee of drie legsels per jaar.
Vind je in het voorjaar een jonge merel op de grond, dan is dat meestal een gezonde uitvlieger. Laat hem zitten en houd katten binnen. Onze gids een jong vogeltje gevonden legt uit wanneer hulp nodig is.
Maandkalender: de merel door het jaar
| Maand | Wat er gebeurt | Wat jij doet |
|---|---|---|
| Januari | Territoria, wintergasten eten bessen | Appels en geweekte rozijnen op de grond, water ijsvrij |
| Februari | Eerste zang in de schemering | Voer doorgaan, hagen voor half maart snoeien |
| Maart | Nestbouw, eerste legsels | Rust rond hagen en klimop, modderplekje |
| April | Broeden en jongen | Meelwormen en zachtvoer, geen grote stukken |
| Mei | Uitvliegende jongen, tweede legsel | Katten in de gaten houden, jongen met rust laten |
| Juni | Tweede en soms derde legsel | Water geven, gazon af en toe natmaken bij droogte |
| Juli | Laatste jongen, begin rui | Kleine porties voer, bladlaag laten liggen |
| Augustus | Rui, merels stil en schuw | Water blijven geven |
| September | Bessen rijp, zang soms even terug | Bessen laten hangen |
| Oktober | Merels uit het noorden en oosten komen aan | Extra voerplekken, fruit laten liggen |
| November | Wintergasten in de tuin | Appels, vetkruimels, water schoon |
| December | Bij vorst veel bezoek | Elke ochtend voeren, lauw water bij vorst |
Problemen en hoe je ze oplost
Katten
Katten zijn een van de grootste gevaren voor merels, juist omdat ze zoveel op de grond zitten en de jongen het nest verlaten voordat ze goed kunnen vliegen. Voer niet vlak naast struiken waarin een kat kan wachten, zet doornige planten rond nestplekken en houd je eigen kat binnen in de weken dat jonge vogels uitvliegen. Onze gids katten en vogels geeft meer tips.
Eksters, gaaien en sperwers
Eksters en Vlaamse gaaien roven eieren en jongen uit open nesten. Een goed verscholen nest in dichte, doornige begroeiing is de beste bescherming. Sperwers jagen op merels bij voerplekken; genoeg dekking vlakbij geeft ze een kans om te ontsnappen.
Ruzies op de voerplek
Merels, vooral mannetjes, zijn fel territoriaal en jagen elkaar weg. Leg voer verspreid neer, op een paar plekken die niet vanuit elkaar zichtbaar zijn.

Merels in de moestuin en fruitbomen
Merels houden van aardbeien, kersen, bessen en druiven, en een tuinier kan daar flink last van hebben. Dek fruit af met een fijnmazig net dat strak over een frame gespannen is, zodat vogels er niet in verstrikt raken. Losse netten die over struiken hangen, zijn gevaarlijk: merels en andere vogels kunnen er met hun poten of kop in vast komen te zitten. Controleer netten dagelijks. Een andere oplossing is om een deel van de oogst bewust te delen: laat een struik of een paar takken onbedekt, dan heeft de merel een alternatief en blijft de rest vaak beter gespaard.
Hygiëne
Merels eten veel van de grond en van voertafels. Ruim beschimmeld fruit en oud voer op, maak voertafels regelmatig schoon met heet water en verplaats voerplekjes op de grond af en toe.
Veelgemaakte fouten
- Alleen hangend voer. Silo’s zijn voor mezen en vinken. Merels eten van de grond of een lage voertafel.
- Hagen snoeien in het broedseizoen. Van half maart tot half augustus zitten er nesten in. Snoei in de winter.
- Een kaal aangeharkte tuin. Zonder blad geen wormen en insecten.
- Gif tegen slakken en insecten. Merels eten die dieren en krijgen het gif binnen.
- Brood en etensresten. Weinig voedingswaarde, trekt ratten aan.
De merel en de wet
In Nederland en België zijn alle in het wild levende vogels beschermd. Dat vloeit voort uit de Europese Vogelrichtlijn en is uitgewerkt in de nationale natuurwetgeving. Het is verboden om nesten in gebruik te verstoren of te vernielen en om eieren of jongen weg te nemen. Controleer hagen en klimop daarom altijd op nesten voordat je snoeit.
Kort samengevat
Wil je merels in je tuin, geef dan fruit, geweekte rozijnen en meelwormen op de grond of een lage voertafel, zorg voor een dichte haag of klimop als nestplek, plant besstruiken en laat blad liggen. Geef water, ook in de winter en bij droogte, en snoei niet in het broedseizoen. Dan heb je grote kans dat je elk voorjaar de zang van een merel op je eigen dakgoot hoort.
Bronnen
Veelgestelde vragen
Wat is het beste voer voor een merel?
Merels eten van nature regenwormen, insecten, bessen en fruit. In de tuin kun je ze helpen met appels en peren, geweekte rozijnen, meelwormen, zachtvoer en vetkruimels. Leg het voer op de grond of op een lage voertafel, want merels eten zelden uit hangende silo's. Geef in de winter wat extra, zeker als de grond bevroren is en ze geen wormen kunnen vinden.
Hoe zie je het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje merel?
Het mannetje is helemaal zwart met een oranjegele snavel en een gele oogring. Het vrouwtje is donkerbruin, met een lichtere, vaag gevlekte keel en borst en een bruine tot doffe gele snavel. Jonge mannetjes in hun eerste winter hebben al een zwart verenkleed, maar nog bruine vleugels en een donkere snavel die pas in het voorjaar oranje wordt.
Waarom zingt de merel 's avonds zo laat?
Merels zingen vooral in de schemering, vroeg in de ochtend en laat in de avond. Het mannetje laat vanaf een hoog zitpunt, zoals een dakgoot, antenne of boomtop, horen dat het territorium bezet is. In de stad zingen merels soms ook bij straatverlichting. De zang is het sterkst van februari tot in juni en neemt af tijdens de rui in de zomer.
Waarom zie ik minder merels in mijn tuin?
Daar kunnen verschillende oorzaken voor zijn. In de zomer ruien merels en zijn ze stiller en schuwer, waardoor je ze minder ziet. In Nederland en België speelt daarnaast sinds 2016 het usutuvirus, dat in sommige jaren en regio's veel merels heeft gedood. Een droge zomer maakt het ook lastiger om wormen te vinden, waardoor merels uitwijken naar andere plekken.
Welke nestplek kiest een merel?
De merel bouwt een komvormig nest van gras en takjes, met een binnenlaag van modder, in een dichte haag, klimop, een struik of een klimplant tegen een muur, meestal op 1 tot 3 meter hoogte. Soms broedt hij op een richel in een schuur of op een halfopen nestplankje. Een gewone nestkast met een rond gat gebruikt hij niet.